Hippolyte Daeye ® Guy Braeckman (AD/art bvba)
NL EN FR

Hippolyte Daeye

Hippolyte Daeye werd geboren op 16 maart 1873 te Gent in een deugdelijk, katholiek, burgerlijk gezin waar waardigheid, werklust, zelfdiscipline en eerlijkheid hoog staan aangeschreven. Deze waarden blijft hij levenslang trouw, maar Daeye is tevens uiterst gevoelig, bedeesd en wordt voortdurend gekweld door twijfel en wanhoop.
 
Bij het overlijden van zijn vader erft hij een aanzienlijk fortuin zodat hij nooit materiele problemen zal kennen. Het enige minpuntje in zijn zorgeloos bestaan is een beenderziekte op tienjarige leeftijd wat groeistoornissen met zich meebrengt en waardoor Daeye steeds relatief klein van gestalte blijft. Ook de grote wereldgebeurtenissen hebben weinig invloed op zijn bestaan. Tijdens WO I verblijft hij in Engeland met zijn gezin en bevriende kunstenaars (o.a. Gustave Van de Woestijne, Edgard Tytgat, Constant Permeke, e.a.). Het is één van de gelukkigste periodes uit zijn leven. Tijdens WO II is hij verplicht in Antwerpen te blijven wegens de ziekte van zijn vrouw. Niet de oorlog zelf, maar de eeuwige discussies onder de vrienden over die oorlog brengen hem in de war. Dit toont het spanningsveld aan waarbinnen Daeye zich beweegt, nl. de broze lijn tussen wat is en wie ik ben.
 
Daeye is een laatbloeier. Pas op 23-jarige leeftijd besluit hij kunstenaar te worden. Hij gaat naar de Academie te Gent en daarna naar het Hoger Instituut voor Schone Kunsten te Antwerpen.  Belangrijker dan de academie zijn de reizen die hij onderneemt. In de eerste plaats naar Spanje en Marokko (1903-1904). Hier ontdekt hij de kleurrijkdom in de klederdracht, de dans, het licht; maar vooral Diego Velásquez. Van deze kunstschilder leert Daeye de essentie van zijn kunstenaarsschap. De scherpte en betrokkenheid waarmee Velasquez zijn onderwerpen analyseert, en er tegelijkertijd afstand van neemt, is voor Daeye een enorme revelatie. Tevens ontdekt Daeye bij Velásquez de tonaliteit. De kleuraanbreng bij Velásquez is uiterst subtiel en genuanceerd. Het is alsof de kleur even wordt opgezogen door het doek om des te feller te exploderen richting toeschouwer. Velásquez heeft Daeye zeker ook bevestigd in zijn voorliefde voor het schilderen van portretten.
 
Artistiek is ook het verblijf in Engeland gedurende WO I van belang. Vooreerst ontstaan er de hechte vriendschapsbanden met kunstenaars uit de Latemse groepen. Hier ontdekt hij naast James Whistler, John Constable en William Turner ook de Afrikaanse kunst, de Russische balletten en de franse fauvistenHenri Matisse, Pablo Picasso, Georges Braque, André Derain, en in het bijzonder Amadeo Modigliani, maken diepe indruk op Daeye. Het is de duidelijke en trefzekere lijnvoering in de tekening en de klaarheid van compositie die Daeye blijvend beïnvloedt.
 
Hoewel Daeye goed op de hoogte was van het hedendaagse kunstgebeuren en er zelf een vurig verdediger van was, wat blijkt uit de vele tentoonstellingen die hij mee organiseerde, toch vinden we van schilderkundige vernieuwing weinig terug in zijn oeuvre. Daeye is de schilder van de intimiteit en de twijfel. Zijn werk ontstaat in de stilte, en afzondering van het atelier, en in de geborgenheid van het gezin, ver weg van de buitenwereld. Deze dualiteit tussen de kennis van de hem omringende wereld en de bescheidenheid van zijn eigen oeuvre, is kenmerkend voor zijn persoonlijkheid.
 
In haar inleiding voor de oeuvre catalogus schrijft zijn kleindochter Mevr. Bernadette De Visscher-D’Haeye in 1989: ‘...toen Daeye besloot schilder te worden, had de westerse kunst sinds meer dan vijftig jaar haar traditionele sociale functie verloren. Door deze nieuwe benadering van zijn beroep, bevond de kunstenaar zich voor een keuze: opteren voor de officiële kunst of de weg van het modernisme inslaan en een leven aan de kant van de maatschappij leiden...”. En verder: “Daeye heeft het dilemma van de modernistische kunstenaar des te intenser aangevoeld omdat hij voor een wereld van tegenstrijdigheden opteerde. Hoewel hij besefte dat hij zich als kunstenaar buiten de maatschappij had geplaatst, wilde hij een burgerlijke relatie met haar in stand houden”.
 
Heel wat kunstenaars hebben deze verscheurende keuze meegemaakt. Velen plooiden terug op het academisme en zijn hopeloos in de anonimiteit verdwenen. Anderen hebben een onuitputtelijke strijd gevoerd om vernieuwend te zijn. Het ontbrak de meeste aan genialiteit en ook zij werden veroordeeld tot de anonimiteit. Daeye scheen zich hiervan bewust, en gelukkig voor ons, is hij zichzelf in alle eerlijkheid trouw gebleven. Geen werk getuigt beter van de broosheid van de positie van de kunstenaar als het oeuvre van Daeye. Precies daarom is zijn werk ook vandaag nog zo brandend actueel.

De tentoonstelling Hippolyte Daeye liep van 3 juli tot 4 september 2005.
Voor meer info, zie tijdschrift Museum DoorDacht 1.
 

d-artagnan | all for advertising