NL EN FR

❮                                                                

Jozef Mees: architect van een collectie


I.  Mees als kunstenaar
II. Een nieuwe generatie
III. Anne Bonnet
IV. Jan Burssens
V. Tinus Van Bakel en Jan Van Den Abbeel
VI. Paul Van Gysegem
VII. Een intieme collectie
VIII. Interview Paul Van Gysegem

Jozef Mees / courtesy Alain Hens

Mees als kunstenaar

Als kunstenaar maakte Jozef Mees een gelijkaardige ontwikkeling door wanneer hij in de jaren vijftig het Vlaams Expressionisme achter zich laat. Uit zijn blijvende appreciatie voor de Latemse schilders groeit een lyrische en tactiele stijl waarin materie, kleur en licht een cruciale rol vertolken in zijn composities. Deze kruisbestuiving tussen verleden en heden representeert de visie van het museum en  van de stichters, en maakt van Mees een onmiskenbare architect van de collectie. Hij was zijn hele professionele carrière actief in broeierige kunstkringen, directionele raden en aankoopcommissies en heeft zich als kunstenaar gretig kunnen mengen in de artisieke beleidsvoering.

Ook zijn eigen abstracte composities werden opgenomen in de collectie met als hoogtepunt de schenking in 1984, van zeven grote en kleurrijke doeken die hij Cyclus van het leven doopte. Deze werken illustreren hoe hij eind jaren ’60 koos voor een strakke, gestructureerde en bijna steriele lijnvoering in combinatie met een nog steeds uitgesproken kleurenpalet maar geplaatst tegen een donkere achtergrond. Er is nu sprake van een subtiel spel van geometrsiche vlakken zonder eenvoudverlies, dit in tegenstelling tot zijn vroege grillige composities in schorsachtige structuur.

Halfweg de zeventiger jaren wordt Mees’ kunst zelf een onderwerp van tentoonstellingen. Naar aanleiding van zijn tachtigste verjaardag in 1978, hield Museum Dhondt-Dhaenens een retrospectieve tentoonstelling. Zijn onbevangenheid als kunstenaar en later als bestuurder plaveide de weg voor een nieuwe generatie schilders én verzamelaars. Tijdens zijn mandaat maken verschillende nieuwe stromingen en stijlen hun intrede in de collectie.
Een groot deel van deze nieuwe kunst was ontstaan uit een bewuste reactie tegen de klassieke en overheersende tendensen in België. Veel van deze kunstenaars braken de banden met hun verleden en leermeesters, om zich te bevrijden uit de artistieke erfenis van hun voorgangers.


Dag aan Dag (1978) toont de restrospectieve tentoonstelling uit 1978 in MDD en gidst het publiek langsheen zijn indrukwekkende en lyrische composities op de tonen van een klassiek strijkers kwartet. De reportage, al was het een getuige was uit het verre verleden, toont het museumgebouw en tuin in haar oude gedaante.

VRT-Beeldarchief

Jozef Mees
Compositie, 1968
olieverf op doek
121 x 167 cm
Collectie Museum Dhondt-Dhaenens

d-artagnan | all for advertising