NL EN FR

Mission Statement

Het museum Dhondt-Dhaenens is een private stichting erkend door de Vlaamse Overheid.
Als museum ontsluit ze belangrijke moderne en hedendaagse privéverzamelingen met een maatschappelijke relevantie.
Als hedendaags kunstencentrum wil ze een actieve rol spelen in het internationale kunstgebeuren.

Santiago Sierra, Verwijdering van de glazen ramen van een museum, 03.10 - 07.11.2004

museum Dhondt-Dhaenens Vandaag

Sinds 2005, met het aantreden van Joost Declercq als directeur, wordt zeer duidelijk gekozen voor een tweesporenbeleid: een museale werking gericht op het onderzoek en de presentatie van de moderne kunst van de twintigste eeuw en een werking als hedendaags kunstencentrum. De essentiële aandachtspunten uit het verleden bleven behouden, namelijk het respecteren van de opties van de stichters en het vertrekken vanuit de specificiteit van de gebouwen en de ligging van het museum Dhondt-Dhaenens.

Wat betreft de hedendaagse kunstenwerking wordt er voornamelijk voor gekozen om individuele tentoonstellings-projecten uit te werken. In tegenstelling tot groepstentoonstellingen, kan met deze vorm van tentoonstellen een beter beeld geschept worden van wat de intrinsieke waarde is van een welbepaalde kunstenaar. Het museum Dhondt-Dhaenens wil hierbij steeds een hechte partner zijn van de kunstenaar. Het gezamenlijk ontwikkelen van een project, het elkaar bevragen en steunen in de zoektocht naar de betekenis en functie van kunst staat centraal. Het museum kan met andere woorden nooit enkel een plek zijn voor het tonen van ‘het mooie object’ maar creëert in de eerste plaats een mentale ruimte voor dialoog, reflectie, experiment en creatie.

Het museum Dhondt-Dhaenens wil met haar hedendaagse kunstenwerking tentoonstellingen produceren met kunstenaars die binnen bepaalde recente artistieke tendensen van de laatste decennia richtinggevend zijn maar in Vlaanderen (of daarbuiten) nog niet op een consistente manier werden getoond. Vaak gelden deze projecten als een scharniermoment in de carrière van de kunstenaar. Het museum Dhondt-Dhaenens wil zich hierbij zeker niet beperken tot één enkele type tendens maar staat open voor de diversiteit die zich aanbiedt in de hedendaagse kunstwereld.

De laatste jaren heeft het museum Dhondt-Dhaenens een sterke traditie opgebouwd in de samenwerking met kunstenaars die het museum als instelling, de positie van de kunstenaar of de relatie met de bezoeker fundamenteel in vraag stellen. Deze radicale projecten zijn niet zelden conflictueus en leiden vaak tot een hevige reactie bij de toeschouwer. Zo waren er de laatste jaren spraakmakende projecten van onder meer Santiago Sierra, Gregor Schneider, Robert Kusmirowski, Thomas Zipp en Thomas Hirschhorn, Ryan Gander en Thomas Lerooy.

Binnen haar museale werking is het museum Dhondt-Dhaenens in de eerste plaats begaan met een genuanceerde historische contextualisering van het recente kunstverleden en anderzijds het actualiseren van onze kijk op het werk van kunstenaars vertegenwoordigd in de eigen collectie. Gezien de historisch gegroeide gevoeligheid van het museum Dhondt-Dhaenens voor de betekenis van de geëngageerde kunstverzamelaar is er een bijzondere aandacht voor de museale ontsluiting en presentatie van belangwekkende Vlaamse privé-verzamelingen. Zo was er de tentoonstelling van de Verzameling Roger en Hilda Matthys-Colle (2007), de Verzameling Wilfried en Yannicke Cooreman (2009), de Verzameling Tony Herbert (2011) en de Verzameling Jeanne en Charles Vandenhove (2013). Verder werd ook een bedrijfscollectie ontsloten, de Proximus Art Collectie (2015), en een institutionele collectie met de tentoonstelling Walther Vanbeselaere, Verzamelaar voor de Staat, 1948-1973 (2017). Het ontsluiten van collecties dwingt het museum tevens om te reflecteren over de relatie overheid – privé en helpt in het vinden van nieuwe vormen van samenwerkingsmodellen en beheersovereenkomsten.

Reflectieve vrijhavens

In het najaar van 2015 startte het museum Dhondt-Dhaenens met een residentieprogramma in de Woning Van Wassenhove. Sinds 2018 biedt ook The Wunderkammer Residence, gelegen langs de Leie vlakbij het museum, ruimte voor residenten.

De Woning Van Wassenhove, een markant brutalistisch gebouw uit 1974 van architect Juliaan Lampens, gelegen in Sint-Martens-Latem, fungeert sinds 2015 als een vitale residentie- en ontmoetingsplek in de omgeving. Talrijke creatievelingen uit binnen-en buitenland passeerden ondertussen de revue. Ook de Wunderkammer staat open voor zowel kunstenaars, curatoren, schrijvers als onderzoekers en wil een unieke ervaring bieden voor diepgaande reflectie en onderzoek. Subversiviteit vormt hierbij een sleutelwoord. Naast reflectie over het museum, haar collecties en het landschap, staat de ruimte open voor kritische beschouwingen over de eigen praktijk, de kunstwereld en bredere, maatschappelijke structuren.
 
Met deze nieuwe, autonome vrijhavens wil het MDD het contact met kunstenaars en onderzoekers intensifiëren en de Leiestreek als een historisch belangrijke inspiratieplek voor kunstenaars (her-)activeren. Sint-Martens-Latem en Deurle waren vanaf eind negentiende eeuw een dynamische plek voor kunstcreatie dankzij de vele kunstenaars die er woonden en werkten. Getuige hiervan zijn nog steeds het museum Gust.De Smet, het voormalig woonhuis van de kunstenaar en het Museum Gevaert-Minne, voormalig woonhuis van kunstenaar en wereldverbeteraar Edgar Gevaert. Kunstenaars als George Minne, Albijn Van den Abeele, Gustave Van de Woestyne, Frits Van den Berghe, Constant Permeke, Albert Saverys en vele anderen werkten tussen 1880 en 1940 in de Leiestreek. Het domein rond het woonhuis Edgar Gevaert stond in de jaren 1960 en 1970 dan weer bekend als een ontmoetingsplek voor kunstenaars, muzikanten, hippies en pacifisten. Voor het museum is het dan ook belangrijk om binnen deze opmerkelijke traditie in de Leiestreek, een plek van kunstcreatie en maatschappelijke bevraging in stand te houden.

d-artagnan | all for advertising